Spring naar inhoud

Bijlage 2: Verantwoording

  1. De broeikasgas-emissie-berekeningen zijn uitgevoerd volgens het GHG Protocol Corporate Standard for scope 1 and scope 2. 
  2. De scope 1 en 2 berekeningen omvatten verbruiksdata van brandstoffen en elektriciteit van NV ROVA Holding en al haar dochterondernemingen. De dochterondernemingen zijn 100% eigendom van NV ROVA Holding en worden derhalve volledig geconsolideerd in de rapportage van NV ROVA Holding. 
  3. De rapportage beperkt zich op dit moment tot scope 1 en 2. 
  4. De bron voor de emissiefactoren is co2emissiefactoren.nl (lijst emissiefactoren 2023). De TTW (tank to wheel) waarden van de emissiefactoren zijn gebruikt voor de berekening van scope 1 en 2. Voor de location based approach van scope 2 zijn de emissiefactoren van AIB toegepast. 
  5. De tabel van energieconsumptie in opgesteld volgens de disclosure requirement ESRS E1-5 van de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD). 
  6. De vermeden emissies van brongescheiden afvalstromen zijn berekend op basis van de tonnages geregistreerd door ROVA en de CO2-kentallen uit de studie “Klimaatimpact van afvalverwerkroutes in Nederland; CO2-kentallen voor recyclen en verbranden voor 13 afvalstromen” van CE Delft uit maart 2021 in opdracht van de NVRD. 
  7. De CO2-kentallen uit de CE Delft studie zijn indicatief. Ze zijn gebaseerd op gemiddelde gegevens voor afvalverwerking en zullen niet de absolute waarheid weergeven. De daadwerkelijke situatie kan per verwerker en per gemeente en regio verschillen. Specifieke recyclers kunnen een ander milieuprofiel hebben, bijvoorbeeld als de recycler veel eigen groene stroom opwekt, als er meer of minder verlies van materiaal optreedt, of als de verwerker het materiaal opwerkt tot een specifieke kwaliteit eindproduct. De efficiëntie van energieopwekking verschilt per AEC, wat heel bepalend is voor de klimaatimpact van verbranding van materiaal. Voor een volledig overzicht van de beperkingen van de CO2-kentallen verwijzen wij naar het volledige rapport. 
  8. De vermeden emissies door productie van hernieuwbare energie, in geval van ROVA zonne-energie, zijn berekend door de opgewekte elektriciteit, die is terug geleverd aan het net, te vermenigvuldigen met de gemiddelde emissiefactor voor elektriciteit in Nederland. 
  9. Binnen de CSRD en het GHG protocol moeten de emissies van scope 1, 2 en 3 apart gerapporteerd worden van de vermeden emissies. Bedrijven mogen vermeden emissies niet aftrekken van de emissies van hun eigen bedrijfsvoering in scope 1, 2 en 3.