Spring naar inhoud

Toelichting op de geconsolideerde jaarrekening

Algemeen

NV ROVA Holding en de 100% deelnemingen NV ROVA Gemeenten en NV ROVA Afvalverwerking zijn opgericht op 1 juni 1996. Deze bedrijven richten zich op de publieke afvalverwijderingstaken, het beheer van buitenruimten en het beheer van stortplaatsen. In 1998 zijn in het kader van de verdere organisatieontwikkeling ROVA Activa Beheer BV en ROVA Regie BV opgericht. Beiden zijn een 100% deelneming van NV ROVA Holding. In 2008 is ROVA Duurzaam BV opgericht. Binnen ROVA Duurzaam BV zijn de activiteiten op het gebied van grondstoffen, energie en duurzaamheid ondergebracht. Zowel NV ROVA Holding als haar deelnemingen zijn statutair gevestigd op Steinfurtstraat 2, 8028 PP te Zwolle. NV ROVA Holding is geregistreerd bij de Kamer van Koophandel te Zwolle onder nummer 05057813.

Voor de integrale tekst van de statutaire doelstellingen verwijzen wij naar 6.5 statutaire doelstellingen.

De jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de bepalingen volgens Boek 2, Titel 9 van het Burgerlijk Wetboek, alsmede de bepalingen van de Raad voor de Jaarverslaggeving.

Toepassing van artikel 402 boek 2 BW

De financiële gegevens van de onderneming zijn in de geconsolideerde jaarrekening verwerkt. Derhalve vermeldt de enkelvoudige winst-en-verliesrekening conform artikel 402 Boek 2 BW slechts het aandeel in het resultaat van vennootschappen waarin wordt deelgenomen na belastingen en het overige resultaat na belastingen.

Grondslagen van de jaarrekening

Algemeen

De grondslagen die worden toegepast voor de waardering van activa en passiva en de resultaatbepaling zijn gebaseerd op historische kosten. Een actief wordt in de balans opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat de toekomstige economische voordelen naar de onderneming zullen toevloeien en de waarde daarvan betrouwbaar kan worden vastgesteld. Een verplichting wordt in de balans opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat de afwikkeling daarvan gepaard zal gaan met een uitstroom van middelen die economische voordelen in zich bergen en de omvang van het bedrag daarvan betrouwbaar kan worden vastgesteld.

De opbrengsten en kosten worden toegerekend aan de periode waarop zij betrekking hebben. Opbrengsten worden verantwoord indien alle belangrijke risico’s zijn overgedragen. Rentebaten worden verantwoord in de periode waartoe zij behoren.

De jaarrekening wordt gepresenteerd in euro’s, de functionele valuta van de onderneming. Alle financiële informatie in euro’s is afgerond op het dichtstbijzijnde duizendtal. 

Gebruik van schattingen

De opstelling van de jaarrekening vereist dat het management oordelen vormt en schattingen en veronderstellingen maakt die van invloed zijn op de toepassing van grondslagen en de gerapporteerde waarde van activa en verplichtingen, en van baten en lasten. De daadwerkelijke uitkomsten kunnen afwijken van deze schattingen. De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden voortdurend beoordeeld. Herzieningen van schattingen worden opgenomen in de periode waarin de schatting wordt herzien en in toekomstige perioden waarvoor de herziening gevolgen heeft.

Grondslagen voor consolidatie

De geconsolideerde jaarrekening omvat de financiële gegevens van de onderneming en haar groepsmaatschappijen en andere rechtspersonen waarover overheersende zeggenschap kan worden uitgeoefend dan wel waarover de centrale leiding bestaat. Groepsmaatschappijen zijn deelnemingen waarin de onderneming een meerderheidsbelang heeft, of waarop op een andere wijze een beleidsbepalende invloed kan worden uitgeoefend. Bij de bepaling of beleidsbepalende invloed kan worden uitgeoefend, worden financiële instrumenten die potentiële stemrechten bevatten en direct kunnen worden uitgeoefend, betrokken. 

In de geconsolideerde jaarrekening zijn de onderlinge schulden, vorderingen en transacties geëlimineerd, evenals de binnen de groep gemaakte winsten. De groepsmaatschappijen zijn integraal geconsolideerd.

In de geconsolideerde jaarrekening zijn naast NV ROVA Holding tevens de jaarrekeningen van de volgende groepsmaatschappijen opgenomen: NV ROVA Gemeenten, NV ROVA Afvalverwerking, ROVA Activa Beheer BV, ROVA Regie BV en ROVA Duurzaam BV. Het belang van NV ROVA Holding in bovenstaande vennootschappen bedraagt 100%. 

Bij deze groepsmaatschappijen zijn dezelfde waarderingsgrondslagen toegepast als bij de moedermaatschappij.
NV ROVA Holding heeft zich hoofdelijk aansprakelijk gesteld voor de uit rechtshandelingen voortvloeiende schulden van de vennootschappen NV ROVA Gemeenten, NV ROVA Afvalverwerking, ROVA Regie BV, ROVA Activa Beheer BV en ROVA Duurzaam BV. Hierbij is het bepaalde in artikel 403 lid 1 sub f van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek in aanmerking genomen. Voor wat betreft de verslaglegging van de genoemde groepsmaatschappijen is gebruikgemaakt van de vrijstellingen ex artikel 403 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. 

Financiële instrumenten

Onder financiële instrumenten worden zowel primaire financiële instrumenten, zoals vorderingen en schulden, als financiële derivaten verstaan.

In de toelichting op de onderscheiden posten van de balans wordt de reële waarde van het betreffende instrument toegelicht als die afwijkt van de boekwaarde. Indien het financiële instrument niet in de balans is opgenomen wordt de informatie over de reële waarde gegeven in de toelichting op de ‘Niet in de balans opgenomen activa en verplichtingen’.
Voor de grondslagen van primaire financiële instrumenten wordt verwezen naar de behandeling per balanspost.

Verstrekte leningen

Verstrekte leningen worden na eerste opname gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieve rentemethode, verminderd met bijzondere waardeverminderingsverliezen, voor zover van toepassing.

Debiteuren

De debiteuren bestaan voornamelijk uit vorderingen op aandeelhoudende gemeenten uit hoofde van de dienstverlening en worden gewaardeerd op kostprijs. Deze waardering komt, gegeven de effectieve rentevoet van 0%, overeen met de nominale waarde. Op deze vorderingen wordt geen kredietrisico gelopen.

Opgenomen leningen

De opgenomen leningen bestaan uit door aandeelhoudende gemeenten verstrekte achtergestelde leningen met vaste rentepercentages en vaste looptijden. De leningen worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs.

Crediteuren

De crediteuren bestaan voornamelijk uit schulden aan leveranciers uit hoofde van de normale bedrijfsactiviteiten en worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs. Deze waardering komt, gegeven de effectieve rentevoet van 0%, overeen met de nominale waarde. Op deze schulden wordt geen kredietrisico gelopen.

Grondslagen voor de waardering van activa en passiva

Materiële vaste activa

De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs verminderd met de cumulatieve afschrijvingen en indien van toepassing met bijzondere waardeverminderingen.
De afschrijvingen worden gebaseerd op de geschatte economische levensduur en worden berekend op basis van een vast percentage van de verkrijgingsprijs. Er wordt geen rekening gehouden met een eventuele restwaarde. Er wordt afgeschreven vanaf het moment van ingebruikname. Op terreinen wordt niet afgeschreven. Kosten voor periodiek groot onderhoud worden geactiveerd.

De volgende afschrijvingspercentages worden hierbij gehanteerd: 

Bedrijfsgebouwen: 4 - 7%
Machines en installaties: 5 - 20%
Containers: 5 - 20%
Wagenpark: 12,5 - 20%
Andere vaste bedrijfsmiddelen: 20 - 33%.

Financiële vaste activa

De niet-geconsolideerde deelnemingen waarin invloed van betekenis op het zakelijke en financiële beleid wordt uitgeoefend, worden gewaardeerd op de nettovermogenswaarde, doch niet lager dan nihil. Deze nettovermogenswaarde wordt berekend op basis van de grondslagen van NV ROVA Holding.

Deelnemingen met een negatieve nettovermogenswaarde worden op nihil gewaardeerd. 
Wanneer de vennootschap geheel of ten dele instaat voor de schulden van de desbetreffende deelneming, respectievelijk de feitelijke verplichting heeft de deelneming (voor haar aandeel) tot betaling van haar schulden in staat te stellen, wordt een voorziening gevormd.
Bij het bepalen van de omvang van deze voorziening wordt rekening gehouden met reeds op vorderingen op de deelneming in mindering gebrachte voorzieningen voor oninbaarheid.

Latente belastingvorderingen

Latente belastingvorderingen worden opgenomen voor verrekenbare fiscale verliezen en voor verrekenbare verschillen tussen de waarde van de activa en passiva volgens fiscale voorschriften enerzijds en de in deze jaarrekening gevolgde waarderingsgrondslagen anderzijds, met dien verstande dat latente belastingvorderingen alleen worden opgenomen voor zover het waarschijnlijk is dat er toekomstige fiscale winst zal zijn waarmee de tijdelijke verschillen kunnen worden verrekend en verliezen kunnen worden gecompenseerd. De berekening van de latente belastingvorderingen voor verrekenbare verliezen geschiedt tegen de op het einde van het verslagjaar geldende belastingtarieven en de latente belastingvorderingen voor tijdelijke verschillen tegen de in komende jaren geldende tarieven, voor zover deze al bij wet zijn vastgesteld. Latente belastingvorderingen worden gewaardeerd op nominale waarde.

Voorraden

De voorraden worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs. Indien de opbrengstwaarde per balansdatum lager is dan de voornoemde waardering, worden voorraden gewaardeerd tegen deze lagere opbrengstwaarde. De waardering van de voorraden komt tot stand op basis van fifo prijzen.

Vorderingen

De vorderingen worden bij eerste verwerking opgenomen tegen de reële waarde en vervolgens gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. Noodzakelijk geachte voorzieningen voor mogelijke verliezen als gevolg van oninbaarheid worden in mindering gebracht. Deze voorzieningen worden bepaald op basis van individuele beoordeling van de vorderingen.

Liquide middelen

De liquide middelen zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde. Indien middelen niet ter vrije beschikking staan, dan wordt hiermee bij de waardering rekening gehouden.

Voorzieningen

Voorzieningen met een langjarig karakter worden gewaardeerd tegen de contante waarde van de toekomstige uitgaven die naar verwachting noodzakelijk zijn om de verplichtingen en verliezen af te wikkelen.

De voorziening voor eindafwerking van de stortplaats betreft een voorziening met een overwegend langlopend karakter inzake de verplichting tot eindafwerking die NV ROVA Holding heeft met betrekking tot de stortplaats Bovenveld. 
De voorziening wordt berekend op contante waarde gebaseerd op een disconteringsfactor van 3,3%.

De voorziening personeel en organisatiekosten betreft de personeelskosten die voortvloeien uit reeds ingegane verplichtingen uit hoofde van het eigen risico voor werkloosheidsverplichtingen alsmede een suppletie op de arbeidsongeschiktheidsverzekering. Voorts bestaat zij uit een voorziening voor toekomstige jubileumuitkeringen. Deze voorziening betreft de contante waarde van de in de toekomst uit te keren jubileumuitkeringen en is gebaseerd op gedane toezeggingen, blijfkans en leeftijd, gebaseerd op een disconteringsfactor van 2%. Tot slot bestaat zij uit een voorziening voor toekomstige verplichtingen uit hoofde van de generatieregeling. Deze voorziening betreft de contante waarde van de toekomstige verplichtingen in het kader van de regeling en is gebaseerd op blijf- en deelname kans, gebaseerd op een disconteringsfactor van 2%.

Pensioenen

De pensioenen uit hoofde van de pensioenregeling zijn ondergebracht bij Stichting Pensioenfonds ABP. 
Het betreft een collectieve regeling waarbij meerdere werkgevers zijn aangesloten en zijn in wezen toegezegd-pensioenregelingen, waarbij de pensioenuitkering gebaseerd is op de lengte van het dienstverband en het gemiddelde salaris van de werknemer gedurende dit dienstverband. De pensioenregelingen kunnen worden aangemerkt als ‘multi-employer funds’.

Uitgangspunt is dat de in de verslagperiode te verwerken pensioenlast gelijk is aan de over die periode aan het pensioenfonds verschuldigde pensioenpremies. Op grond van RJ 271.3 Personeelsbeloningen – Pensioenen heeft ROVA geen pensioenvoorziening opgenomen in de jaarrekening, dit aangezien ROVA geen verplichting heeft tot het voldoen van aanvullende bijdragen in het geval van een tekort bij bedrijfstakpensioenfonds ABP anders dan het voldoen van hogere premies in de toekomst. Voor zover de verschuldigde premies op balansdatum nog niet zijn voldaan, wordt hiervoor een verplichting opgenomen.

De dekkingsgraad van het ABP bedraagt ultimo 2025 123,5% (2024: 111,9%).
Aangezien de dekkingsgraad van het ABP per ultimo 2025 lager was dan de vereiste 126,3% heeft het ABP een herstelplan opgesteld. Het herstelplan is een berekening die aan moet tonen dat de dekkingsgraad binnen 10 jaar vanaf eind 2021 groeit naar het vereiste niveau, eventueel met minder verhogen of verlagen van pensioenen.

Voor pensioenfondsen die eind 2020 een dekkingsgraad van 90% of hoger hadden, bestond de mogelijkheid om gebruik te maken van de vrijstellingsregeling van minister Koolmees om een pensioenverlaging te voorkomen. ABP heeft gebruikgemaakt van die mogelijkheid. Dit betekent dat de hersteltermijn in het herstelplan mag worden verlengd van 10 naar 12 jaar.

Langlopende en kortlopende schulden

Opgenomen leningen en schulden worden bij eerste verwerking opgenomen tegen de reële waarde en vervolgens gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs.

Grondslagen voor de bepaling van het resultaat

Omzet publieke taken Afval en BBR

De vergoedingen voor de uitvoering van publieke taken worden met een maandelijks voorschot aan gemeenten gefactureerd. De afrekening inzake publieke taken Afval en Grondstoffen vinden plaats op basis van het aantal aansluitingen en de verwerkte tonnages per afvalsoort tegen de feitelijke verwerkingstarieven (zowel positief als negatief) en wordt verantwoord in het boekjaar waarop de afrekening betrekking heeft. De afrekening inzake BBR (Beheer Buitenruimte) bestaat uit een vaste vergoeding voor de afgesproken beeldkwaliteit van de buitenruimte en een variabele vergoeding voor overige verrichte werkzaamheden. De omzet wordt verminderd met kortingen en omzetbelasting.

Omzet brenglocaties en overige bedrijfsopbrengsten

De netto-omzet betreft de in het boekjaar verrichte prestaties, bestaande uit de totale omzet verminderd met kortingen en omzetbelasting.

Omzet stortplaats

De netto-omzet is gebaseerd op de in het boekjaar aangevoerde tonnages op de stortplaats Bovenveld, tegen de geldende storttarieven. Op de omzet is de afvalstoffenbelasting en de omzetbelasting in mindering gebracht.

Kosten

De kosten worden verantwoord in het jaar waarop zij betrekking hebben. De afschrijvingen vinden plaats volgens de lineaire methode vanaf de datum van ingebruikname van de betreffende investering.

Kosten uitbesteed werk en andere externe kosten

Hieronder zijn begrepen de direct aan de netto-omzet toerekenbare kosten.

Rentebaten en rentelasten

De rentebaten en rentelasten in de verslagperiode betreffen de van derden ontvangen respectievelijk aan derden betaalde interest.

Belastingen

Vennootschapsbelasting
Met ingang van 1 januari 2016 zijn Nederlandse publiekrechtelijke rechtspersonen zoals ROVA belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting. In de afgelopen jaren zijn met de Belastingdienst op brancheniveau intensieve gesprekken gevoerd over de reikwijdte van vrijstellingen en de berekening van verschuldigde vennootschapsbelasting voor samenwerkingsverbanden. Deze gesprekken hebben geleid tot een vaststellingsovereenkomst tussen de Belastingdienst en ROVA voor de jaren 2016-2020. Deze is nogmaals verlengd t/m 2025. In deze vaststellingsovereenkomst valt het grootste deel van de activiteiten van ROVA binnen de vrijstellingen. Over deze activiteiten is dan geen vennootschapsbelasting verschuldigd. Een klein deel van de activiteiten valt niet onder de vrijstellingen. Over het behaalde resultaat op deze activiteiten zal vennootschapsbelasting afgedragen moeten worden.

Wij zien hiermee ons standpunt bevestigd dat door ROVA en haar gemeenten slechts op kleine schaal fiscaal belaste activiteiten uitgevoerd worden. 

Aandeel in het resultaat van niet-geconsolideerde ondernemingen waarin wordt deelgenomen

Als resultaat van deelnemingen waarin invloed van betekenis wordt uitgeoefend op het zakelijke en financiële beleid, wordt opgenomen het aan de vennootschap toekomende aandeel in het resultaat van deze deelnemingen. 
Dit resultaat wordt bepaald op basis van de bij NV ROVA Holding geldende grondslagen voor waardering en resultaatbepaling.

Bij deelnemingen waarin geen invloed van betekenis op het zakelijke en financiële beleid wordt uitgeoefend, wordt het dividend als resultaat aangemerkt. Verwerking hiervan vindt plaats onder de financiële baten en lasten.

Subsidies

Indien subsidies worden ontvangen ten behoeve van de eigen bedrijfsvoering, worden deze in mindering gebracht op de activa of kosten welke voor het doel van de verstrekte subsidie respectievelijk aangeschaft dan wel gemaakt zijn. In het huidige en voorgaande boekjaar zijn geen materiële subsidies ontvangen. Wanneer subsidies ontvangen worden met het doel deze te verstrekken aan derden, treedt ROVA op als penvoerder. Dergelijke subsidies worden niet in de financiële resultaten van ROVA verantwoord.

Grondslagen voor het opstellen van het kasstroomoverzicht

Het kasstroomoverzicht wordt opgesteld volgens de indirecte methode.

De geldmiddelen in het kasstroomoverzicht bestaan uit liquide middelen en vlottende effecten.

Winstbelastingen, ontvangen interest en ontvangen dividenden worden opgenomen onder de kasstroom uit operationele activiteiten.
Betaalde interest en betaalde dividenden worden opgenomen onder de kasstroom uit financieringsactiviteiten.

De verkrijgingsprijs van verworven groepsmaatschappijen wordt opgenomen onder de kasstroom uit investeringsactiviteiten, voor zover betaling in geldmiddelen heeft plaatsgevonden. Hierbij worden geldmiddelen aanwezig in deze groepsmaatschappijen afgetrokken van de aankoopprijs.